aanbevolen resolutie:
1024 x 768  



Spelregelwedstrijd Arbitraal seizoen 2009 - 2010

Ronde 1 Ronde 2 Ronde 3 Ronde 4 Ronde 5 Ronde 6

Antwoorden:
1A,2B.3C,4D,5A
 

Antwoorden:
1B,2D,3B,4A,5D
 

Antwoorden:
1D,2B,3B,4A,5B
 

Antwoorden:
1D,2C,3B,4D,5D
 

Antwoorden:
1D,2B,3D,4D,5A
 

Antwoorden:
1C,2C,3C,4C,5C

 

Om uw spelregelkennis op het gebied van veldvoetbal op een ontspannende wijze op te frissen start de Spelregelcommissie net als voorgaande jaren een spelregelwedstrijd. Vanaf nu zal in elk nummer van Arbitraal een serie van vijf vragen worden gepubliceerd (meerkeuze). De wedstrijd bestaat uit zes rondes. Deelnemers worden uitgenodigd hun antwoorden in te zenden. Aan het eind zullen de scores worden opgeteld. De winnaar mag zich “Spelregelkampioen Arbitraal seizoen 2008-2009” noemen. Daarnaast kunnen de nummers één, twee en drie kunnen een aardige attentie tegemoet zien. Maar vooral geldt: meedoen is belangrijker dan winnen !!

 

Winnaar van spelregelwedstrijd Arbitraal seizoen 2009-2010:
Anton Bogers en Ran Haase

 

De volgende afspraken gelden: 

1.      Start van de wedstrijd in nummer 8 en einde van de wedstrijd in nummer 3 volgend jaar. Er zijn zes (6) speelrondes.

2.      Per ronde worden vijf (5) meerkeuzevragen gesteld. U dient het naar uw mening goede antwoord aan te kruisen. Per vraag is één goed antwoord mogelijk.

3.      Puntentelling: per goed beantwoorde vraag één punt. Totaal dus 30 punten te verzamelen.

4.      Iedereen (leden én niet-leden) mag éénmaal deelnemen. Leden van de spelregelcommissie zijn uitgesloten.

5.      Antwoorden binnen drie weken na verschijnen clubblad opsturen naar Eric Oosterom of naar het verenigingssecretariaat per e-mail. Na deze datum is de inzending niet meer geldig. E-mail adres Eric Oosterom: e.oosterom@zonnet.nl. E-mail adres secretariaat: eindhoven@covs.nl.

6.      Bij vragen kunt u contact opnemen met Eric Oosterom.

7.      Er wordt gestreden om de titel “Spelregelkampioen Arbitraal seizoen 2009-2010”. Daarnaast stelt de spelregelcommissie voor de nummers één, twee en drie een prijs ter beschikking.

8.      De prijsuitreiking vindt plaats tijdens de jaarlijkse feestavond aan het einde van het seizoen. Alle winnaars worden tevoren persoonlijk uitgenodigd. Hun aanwezigheid wordt zeer op prijs gesteld.

9.      In twijfelgevallen beslist de spelregelcommissie. Over de uitslag is geen discussie mogelijk.

Wij hopen op uw deelname en wensen u veel succes.

 

Tip : Bekijk de spelregelwijzigingen op deze website en de nieuwe handleiding  Spelregels Veldvoetbal juli 2009.

 

De Spelregelcommissie.
 



Ronde 1 (oktober 2009) :

Let op: Per vraag is slechts één goed antwoord mogelijk ! 

1.      De doelverdediger van partij A staat twee meter voor zijn doel en stopt de bal. Omdat het schot erg hard is springt de bal uit zijn handen en stuitert terug tot net buiten het doelgebied. De doelverdediger wil nu snel in het bezit komen van de bal maar voordat hij de bal kan oppakken geeft een toegesnelde aanvaller hem een correcte schouderduw. De doelverdediger komt ten val en de aanvaller van partij B weet te scoren. Wat moet de scheidsrechter beslissen?  

a.      Hij zal het doelpunt goedkeuren.

b.      Hij zal het spel onderbreken, geen doelpunt toekennen en het spel laten hervatten met een directe vrije trap voor partij A.

c.      Hij zal het spel onderbreken, geen doelpunt toekennen en het spel laten hervatten met een directe vrije trap voor partij A.

d.      Hij zal het spel onderbreken, geen doelpunt toekennen en het spel laten hervatten met een indirecte vrije trap voor partij B.
 

2.      Een speler van partij A die net binnen het speelveld staat is zo kwaad op zijn tegenstander dat hij hem een stomp met zijn vuist in de maag geeft. De tegenstander bevindt zich op dat moment net buiten veld ter hoogte van de middellijn. Wat moet de scheidsrechter beslissen nadat hij het spel heeft onderbroken als de bal op het moment van slaan zich bevindt in het strafschopgebied van partij A? 

a.      Hij zal de speler van partij A van het speelveld sturen door het tonen van de rode kaart en het spel laten hervatten met een strafschop.

b.      Hij zal de speler van partij A van het speelveld sturen door het tonen van de rode kaart en het spel laten hervatten met een scheidsrechtersbal.

c.      Hij zal de speler van partij A van het speelveld sturen door het tonen van de rode kaart en het spel laten hervatten met een indirecte vrije trap.

d.      Hij zal de speler van partij A van het speelveld sturen door het tonen van de rode kaart en het spel laten hervatten met een directe vrije trap.
 

3.      Na het nemen van een hoekschop wordt door twee spelers, van beide partijen één, volop geduwd en getrokken in het doelgebied. De scheidsrechter ziet dit en onderbreekt het spel. Wat is de beslissing van de scheidsrechter? 

a.      Doorspelen.

b.      Beide spelers een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart en het spel laten hervatten met een scheidsrechtersbal te nemen op een willekeurige plaats in het doelgebied.

c.      Beide spelers een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart en het spel laten hervatten met een scheidsrechtersbal te nemen op de 5½ meterlijn van het doelgebied.

d.      Beide spelers een waarschuwing geven door het tonen van de gele kaart en het spel laten hervatten met een hoekschop.
 

4.      Partij A mag een strafschop nemen. Nadat de scheidsrechter het teken voor de strafschop heeft gegeven ziet de scheidsrechter dat de doelverdediger van partij B van zijn doellijn komt en ziet hij ook dat een medespeler van de strafschopnemer te vroeg komt in lopen. Op dat moment is de strafschop nog niet genomen. Wat moet de scheidsrechter nu beslissen wanneer de bal over het doel wordt geschoten? 

a.      Doeltrap.

b.      Doeltrap en waarschuwingen door het tonen van de gele kaart voor de doelverdediger en voor de te vroeg inlopende speler van partij A.

c.      Strafschop overnemen en waarschuwingen door het tonen van de gele kaart voor de doelverdediger en voor de te vroeg inlopende speler van partij A.

d.      Strafschop overnemen.
 

5.      Welke stelling is niet correct? 

a.      Strafschop in de 20e minuut van de eerste helft: wanneer de strafschopnemer de bal voor de tweede keer raakt voordat deze is geraakt door een andere speler moet altijd een indirecte vrije trap worden toegekend .

b.      Aan de uiteinden van de middenlijn mogen vlaggenstokken worden geplaatst.

c.      In het amateurvoetbal mag de scheidsrechter een rode kaart tonen aan een wisselspeler wanneer hij na de wedstrijd in de gang naar zijn kleedlokaal wordt beledigd.

d.      Wanneer een tegenstander bij het nemen van een inworp niet de vereiste afstand in acht neemt, moet deze een waarschuwing ontvangen wegens onsportief gedrag.


Antwoorden:  1……….., 2……………, 3………….,4………….., 5……………
Naam, adres en telefoonnr. van de inzender :
....................................................
Antwoorden binnen drie weken na verschijnen clubblad opsturen naar Eric Oosterom of naar het verenigingssecretariaat per e-mail. Na deze datum is de inzending niet meer geldig. E-mail adres Eric Oosterom: e.oosterom@zonnet.nl. E-mail adres secretariaat: eindhoven@covs.nl.



Ronde 2 (november 2009) :

Let op: Per vraag is slechts één goed antwoord mogelijk ! 

1.   Er mag een strafschop worden genomen in de 15de minuut van de 1ste helft door de bezoekende partij. De nemer van de strafschop onderbreekt zijn aanloop vlak voor de bal. Vervolgens loopt hij door en schiet de bal naar het doel. De bal wordt door de doelverdediger over de doellat gestompt.
Hoe reageert de scheidsrechter?

a)   Hij laat hervatten met een hoekschop.

b)   Hij geeft de nemer een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en laat hervatten met een indirecte vrije schop tegen de aanvaller.

c)   Hij laat hervatten met een indirecte vrije schop tegen de aanvaller

d)   Hij geeft de nemer een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en laat hervatten met een hoekschop.  

2.   Bij het nemen van een indirecte vrije schop vormt de verdedigende partij binnen het eigen straf­schopgebied het zogenaamde muurtje, arm in arm, naast elkaar. De bal wordt rechtstreeks tegen een van de armen van een verdediger geschoten. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

a)   De vrije schop moet worden overgenomen.

b)   Dit is onopzettelijk spelen van de bal met de hand en het spel moet gewoon doorgaan.

c)   Dit is opzettelijk spelen van de bal met de hand. Er moet een directe vrije schop worden toegekend.

d)   Dit is opzettelijk spelen van de bal met de hand. Er moet een strafschop worden toegekend. 

3.   In een jeugdwedstrijd tussen 2 C–elftallen mag de verdedigende partij in het eigen strafschopgebied een vrije schop nemen. De doelverde­diger plaatst de bal naar een medespeler die de bal terugspeelt. Wat beslist de scheidsrechter?

a)   Altijd door laten spelen.

b)   Alleen door laten spelen als de bal rechtstreeks buiten het strafschopgebied is geplaatst en de doelverdediger de toegespeelde bal niet met zijn hand(en) aanraakt. Anders affluiten en de vrije schop over laten nemen of een indirecte vrije schop toekennen aan de andere partij.

c)   Vrije schop laten overnemen

d)   Indirecte vrije schop voor de aanvallende partij op de plaats waar de bal het strafschop­gebied verliet. 

4.   In een wedstrijd tussen 2 seniorenelftallen uitkomende in de reserve 4de klasse ziet de scheidsrechter dat de inwerper de bal met één hand in werpt. Als nu de bal bij een tegen­stander terecht komt die met de bal aan de voet voor het lege doel van de tegenstander komt en een scoringskans krijgt, hoe moet de scheidsrechter dan reageren?

a)   Hij onderbreekt het spel en laat de tegenpartij inwerpen.

b)   Hij onderbreekt het spel, geeft de inwerper een waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag en laat de tegenpartij inwerpen.

c)   Hij laat doorspelen, omdat hij de voordeelregel wil toepassen.

d)   Hij onderbreekt het spel, geeft de inwerper een waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag en laat een speler van dezelfde partij opnieuw inwerpen. 

5.    Juist buiten het strafschopgebied wordt een aanvaller op onreglementaire wijze van de bal af gelopen. Dit gebeurt echter niet op onvoorzichtige of onbesuisde wijze en er wordt in deze actie ook geen scoringskans ontnomen. De scheidsrechter fluit af en uit niets blijkt dat hij na deze actie verdere actie zal ondernemen of zal besluiten tot een persoonlijke straf. Dezelfde aanvaller neemt snel (met nog verdedigers in de buurt) de toegekende vrije schop en schiet de bal tegen de lat. Hij krijgt de bal direct weer terug en schiet de bal nu in het doel van de tegenpartij. Is dit een geldig doelpunt?

a)   Neen, de vrije schop moet worden overgenomen.

b)   Ja.

c)   Neen, de aanvaller had op een teken van de scheidsrechter moeten wachten.

d)   Neen, de verdedigende partij krijgt een indirecte vrije schop te nemen op de plaats waar deze aanvaller voor de tweede maal de bal speelde.

Antwoorden:  1……….., 2……………, 3………….,4………….., 5……………
Naam, adres en telefoonnr. van de inzender :
....................................................
Antwoorden binnen drie weken na verschijnen clubblad opsturen naar Eric Oosterom of naar het verenigingssecretariaat per e-mail. Na deze datum is de inzending niet meer geldig. E-mail adres Eric Oosterom: e.oosterom@zonnet.nl. E-mail adres secretariaat: eindhoven@covs.nl.



Ronde 3 (december 2009) :

Let op: Per vraag is slechts één goed antwoord mogelijk ! 

1)     Een aanvaller weet met de bal onder controle de laatste verdediger te passeren en gaat recht op het doel af. Er ontstaat een zeer duidelijke scoringskans. De doelverdediger rent nu zijn doel uit en brengt de aanvaller in het strafschop­gebied opzettelijk en op onreglementaire wijze ten val door hem heel even aan zijn shirt te trekken. Voordat de scheidsrechter kan fluiten staat de aanvaller echter op, brengt de bal weer onder controle en rent met de bal aan de voet op het nu lege doel af. De aanvaller schiet echter ongecontroleerd hard de bal naast het doel. Wat beslist de scheids­rechter?

a)     een strafschop en een waarschuwing door het tonen van de gele kaart voor de doelver­dediger.

b)     een strafschop en het wegzenden van de doelverdediger door het tonen van de rode kaart.

c)      een doelschop en het wegzenden van de doelverdediger door het tonen van de rode kaart.

d)     een doelschop en een waarschuwing door het tonen van de gele kaart voor de doelverdediger. 

2)     Tijdens een beslissingswedstrijd in de 2de klasse standaard kent de scheidsrechter in de 43ste minuut van de 2de helft een vrije schop toe aan de aanvallende partij op 15 m. van het doel van de tegenpartij. De aanvaller die de schop neemt, schiet de bal hard naar het doel van de tegenpartij. Een op de doellijn staande verdedi­ger, niet zijnde de doelman, stompt de bal met de vuist over het doel, net voordat de bal de doellijn is gepasseerd. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?

a)     hij zal een strafschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger van het speelveld zenden door het tonen van de rode kaart.

b)     hij zal een strafschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger een waar­schuwing geven door het tonen van de gele kaart.

c)      hij zal een hoekschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger een waar­schuwing geven door het tonen van de gele kaart.

d)     hij zal een hoekschop toekennen aan de aanvallende partij en de verdediger van het speelveld zenden door het tonen van de rode kaart. 

3)     Bij het nemen van een doelschop loopt een aanvaller te vroeg toe. Een verdediger ziet dit en blokkeert hem de weg naar de bal. De scheidsrechter wacht tot de bal buiten het strafschopgebied is gekomen, onderbreekt dan het spel, zendt de verdediger van het speelveld door het tonen van de rode kaart en hervat het spel met een strafschop voor de aanvallende partij. Zijn deze beslissingen juist?

a)     neen, de verdediger had niet van het speelveld moeten worden verwijderd (een geval van obstructie).

b)     neen, op het moment van de overtreding was de bal nog binnen het strafschop­gebied, zodat de doelschop moet worden overgenomen. De persoonlijke straf is afhankelijk van de ernst van de overtreding.

c)      ja, de scheidsrechter had gedeeltelijk gelijk; het wegzenden van de speler door het tonen van de rode kaart is juist, doch de doel­schop moet worden overgenomen.

d)     ja, de scheidsrechter had gedeeltelijk gelijk; het toekennen van de strafschop is juist; de speler had hij niet moeten worden wegge­zonden door het tonen van de rode kaart. 

4)     Een strafschop kan worden toegekend:

a)     onafhankelijk van de plaats waar de bal zich bevindt, mits hij in het spel is en op het ogenblik dat de overtreding binnen het strafschopgebied van de overtredende partij plaatsvond, waarvoor een directe vrije schop moet worden toegekend.

b)     als de bal zich binnen het strafschopgebied bevindt en deze in het spel is op het ogenblik dat de overtreding, ongeacht de plaats, geschiedde.

c)      indien de bal binnen het strafschopgebied is op het ogenblik dat de overtreding plaats­vond.

d)     onafhankelijk van de plaats waar de bal zich bevindt en waar de overtreding heeft plaatsge­vonden, indien er sprake is van een gewelddadige handeling.  

5)     Tijdens een beslissingswedstrijd in de 1ste klasse standaard worden tijdens de wedstrijd 2 spelers van het speelveld gezonden door het tonen van de rode kaart. Van 1 partij raakt een speler gewond en deze kan niet verder spelen. De wedstrijd eindigt in de reguliere speeltijd met 1-1. Er is dus een strafschoppenserie nodig om de winnaar te bepalen. De doelman van één van de partijen raakt bij het keepen van de 2de strafschop met zijn hoofd de doelpaal en kan hierdoor niet meer verder spelen. Mag de reserve doelman nu de plaats van de doelverdediger in nemen?

a)     dat mag altijd, want er moet toch een doelverdediger in het doel

b)     dat mag wel; mits er nog geen drie spelers van het team in de wedstrijd zijn vervangen.

c)      dat mag nooit, er moet nu een speler het doel verdedigen, hij moet zich echter onderscheiden van de overige spelers door van kleding te wisselen.

d)      dat bepaald de scheidsrechter in overleg met de beide aanvoerders en de KNVB afgevaardigde.

Antwoorden:  1……….., 2……………, 3………….,4………….., 5……………
Naam, adres en telefoonnr. van de inzender :
....................................................
Antwoorden binnen drie weken na verschijnen clubblad opsturen naar Eric Oosterom of naar het verenigingssecretariaat per e-mail. Na deze datum is de inzending niet meer geldig. E-mail adres Eric Oosterom: e.oosterom@zonnet.nl. E-mail adres secretariaat: eindhoven@covs.nl.



Ronde 4 (januari 2010) :
Let op: Per vraag is slechts één goed antwoord mogelijk ! 

1)     De scheidsrechter heeft de wedstrijd onderbroken om een blessurebehandeling toe te staan voor een geblesseerde speler. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de middenlijn 2 meter vanaf de zijlijn. Als de scheidsrechter de bal laat vallen schopt de speler van partij A met buitensporige inzet naar de bal. Hij mist de bal volledig maar raakt zijn tegenstander van partij B hard op zijn onderbeen voordat de bal de grond geraakt heeft. Wat beslist de scheidsrechter?

a)     Een directe vrije schop en een waarschuwing door het tonen van de gele kaart voor de speler van partij A

b)     Een indirecte vrije schop en veldverwijdering door het tonen van de rode kaart voor de speler van partij A

c)      Een directe vrije schop en veldverwijdering door het tonen van de rode kaart voor de speler van partij A

d)     Een veldverwijdering door het tonen van de rode kaart voor de speler van partij A en een scheidsrechtersbal. 
 

2)     De scheidsrechter heeft de wedstrijd onderbroken om een blessurebehandeling toe te staan voor een geblesseerde speler. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de middenlijn 2 meter vanaf de zijlijn. Als de scheidsrechter de bal laat vallen en nadat de bal de grond geraakt heeft, schopt de speler van partij A met buitensporige inzet naar de bal. Hij mist de bal volledig maar raakt zijn tegenstander van partij B hard op zijn onderbeen. De bal rolt, zonder door een speler te zijn aangeraakt over de zijlijn. Wat beslist de scheidsrechter?

a)     Een directe vrije schop voor partij B en een waarschuwing door het tonen van de

gele kaart voor de speler van partij A

b)     Een inworp voor partij B en veldverwijdering door het tonen van de rode kaart voor de speler van partij A

c)      Een directe vrije schop voor partij B en veldverwijdering door het tonen van de rode kaart voor de speler van partij A

d)     Een veldverwijdering door het tonen van de rode kaart voor de speler van partij A en een scheidsrechtersbal. 
 

3)     Voor een wedstrijd in de 4de klasse Zuid 1 tussen 2 standaardteams geeft de scheidsrechter aanwijzingen aan de beide verenigingsassistenten. De assistent van de thuisspelende vereniging is tevens KNVB scheidsrechter en draagt zijn scheidsrechterstenue met officieel KNVB embleem. De scheidsrechter van dienst wijst zijn collega erop dat hij een ander shirt moet aantrekken of een trainingsjas zonder embleem. Dit weigert deze assistent en zegt op rustige wijze dat de scheidsrechter “de pot op kan”. De scheidsrechter ontheft de assistent van zijn taak en laat hem vervangen. Bij aanvang van de wedstrijd ziet de scheidsrechter dat de van zijn taak ontheven assistent meedoet in de wedstijd als spits. Dit staat de scheidsrechter niet toe. Handelt de scheidsrechter hier juist?

a)     Neen, de assistent had gewoon mogen assisteren, met embleem, maar eenmaal weggezonden, mag deze wel voetballen.

b)     Neen, de assistent mag niet assisteren met embleem, is vervolgens terecht ontheven van zijn taak, maar had gewoon mogen voetballen.

c)      Ja, de assistent is terecht ontheven van zijn taak en dan mag deze ook niet meer voetballen.

d)     Neen, de assistent is onterecht weggezonden, had dus mogen voetballen, de scheidsrechter had een ander shirt moeten aantrekken.
 

4)     Vlak voor aanvang van de wedstrijd in de reserve hoofdklasse staande op het speelveld komt de aanvoerder van de tegenpartij naar de scheidsrechter en maakt bezwaar tegen het gebruik van de wedstrijdbal. De bal voldoet aan alle voorschriften waaraan een wedstrijdbal dient te voldoen maar is niet egaal wit. Sterker nog, de bal is door de hoofdsponsor – een schildersbedrijf - van het team geschonken. Op de bal staat geen reclame maar is wel in de kleur van het schildersbedrijf. Geel, groen, zwart, blauw. Heeft de aanvoerder van de uitspelende vereniging hier een terecht bezwaar en dient dit door de scheidsrechter te worden gehonoreerd?

a)     Ja, ballen moeten namelijk egaal van kleur zijn.

b)     Neen, het protest is terecht maar veel te laat, dit dient minimaal een kwartier voor aanvang van de wedstrijd bij de scheidsrechter bekend te zijn

c)      Ja, er mag alleen met een witte bal worden gevoetbald, bij sneeuw en slecht weer is een oranje bal toegestaan.

d)     Neen, tegen de kleur van de bal kan geen bezwaar worden gemaakt.
 

5)     I.     Een fluitsignaal is nodig om aan te geven dat het spel wordt onderbroken nadat een doelpunt is gescoord.
II.    Een fluitsignaal is niet nodig om het spel te hervatten bij een strafschop.

a)     Alleen I is juist

b)     Alleen II is juist

c)      I en II zijn beide juist

d)     I en II zijn beide onjuist

Antwoorden:  1……….., 2……………, 3………….,4………….., 5……………
Naam, adres en telefoonnr. van de inzender :
....................................................
Antwoorden binnen drie weken na verschijnen clubblad opsturen naar Eric Oosterom of naar het verenigingssecretariaat per e-mail. Na deze datum is de inzending niet meer geldig. E-mail adres Eric Oosterom: e.oosterom@zonnet.nl. E-mail adres secretariaat: eindhoven@covs.nl.


Ronde 5 (februari 2010) :
Let op: Per vraag is slechts één goed antwoord mogelijk ! 

1)      Tegenwoordig is het spelen van wedstrijden op kunstmatige oppervlakken (ander woord voor kunstgras) toegestaan. Omdat het gemeentebestuur en de welstandscommissie van deze gemeente heeft besloten dat de nieuwe velden van de voetbalclub moeten passen in de landschapsarchitectuur geven zij toestemming om 3 nieuwe kunstgrasvelden aan te leggen. Enige voorwaarde, omdat er ook kunstmatige basketbalvelden en een tennisveld zijn aangelegd moeten deze kunstgrasvelden in dezelfde kleur. Namelijk blauw! Mogen op deze blauwe kunstgrasvelden officiële wedstrijden worden gespeeld?

a)      Ja, blauwe en groene velden zijn toegestaan

b)      Ja, er is niks bepaald omtrent de kleur van de kunstmatige oppervlakken

c)      Ja, mits er van te voren toestemming is gevraagd aan de nationale voetbalbond

d)      Neen, de kleur van kunstmatige oppervlakken is groen 

2)      In de 25ste minuut van de 1ste helft kent de scheidsrechter een strafschop toe. De doelverdediger is echter heel zenuwachtig en vraagt of een veldspeler tijdelijk het doel mag verdedigen, te beginnen bij het nemen van de strafschop. Staat de scheidsrechter dit toe?

a)      Neen, het tijdelijk wisselen van doelverdedigers is nooit toegestaan.

b)      Ja, dat mag, wisselen is toegestaan mits dat ook gebeurt in overeenstemming met de spelregels Regel 4. Er mag pas worden terug gewisseld als er weer een dood spelmoment is. Met toestemming van de scheidsrechter.

c)      Ja, dat mag. Direct na het nemen van de strafschop kunnen de 2 spelers dan weer van plaats wisselen.

d)      Ja, dat mag, wisselen is toegestaan mits dat ook gebeurt in overeenstemming met de spelregels Regel 4. Er mag pas worden terug gewisseld als er weer een dood spelmoment is. Toestemming van de scheidsrechter is niet nodig. 

3)      Op het moment dat de bal in het strafschopgebied is van de verdedigende partij, hoort een verdediger, niet zijnde de doelverdediger, een fluitsignaal en pakt daarop de bal in zijn handen. Het fluitsignaal is echter afkomstig van een toeschouwer in het publiek.
De scheidsrechter fluit nu ook af. Wat zal zijn volgende beslissing zijn?

a)      Waarschuwing of veldverwijdering voor de verdediger en een strafschop voor de aanvallende partij.

b)      Geen waarschuwing of veldverwijdering omdat het een vergissing betreft, maar wel een strafschop.

c)      Waarschuwing of veldverwijdering voor de overtreding, maar omdat het een vergissing betreft een scheidsrechtersbal. Was de bal in het doelgebied dan te nemen op die lijn van het doelgebied evenwijdig aan de achterlijn het dichtst bij de plek waar de bal toen het spel werd onderbroken.

d)      Scheidsrechtersbal. Was de bal in het doelgebied dan te nemen op die lijn van het doelgebied evenwijdig aan de achterlijn het dichtst bij de plek waar de bal toen het spel werd onderbroken. 

4)      Scheidsrechters moeten altijd alert zijn op het herhaaldelijk overtreden van de spelregels door de spelers. Ook als dit het overtreden betreft van verschillende regels. Zo’n speler zal dan een waarschuwing moeten ontvangen voor het herhaaldelijk overtreden van die regels. Hoeveel en hoe vaak moeten de regels worden overtreden om van “herhaaldelijk” te kunnen spreken?

a)      3 tot 5 keer

b)      4 tot 6 keer.

c)      Minimaal 5 keer

d)      Dat is ter beoordeling van de scheidsrechter. 

5)      In de reguliere speeltijd van de wedstrijd moet een strafschop worden genomen. De strafschop wordt gemist. Omdat bij het nemen van die strafschop door beide partijen overtredingen worden gemaakt beslist de scheidsrechter dat de strafschop moet worden overgenomen. De doelverdediger wil echter dat iemand anders het doel verdedigt en ook de nemer van de 1ste strafschop geeft aan dat hij het nemen van de strafschop over laat aan een andere speler. Is dit toegestaan?

a)      Dat mag altijd, mits de doelverdediger voldoet aan de bepalingen in Regel 4

b)      Neen, de doelverdediger moet op zijn plek blijven staan, de nemer van de strafschop hoeft niet hetzelfde te zijn;

c)      Neen, de nemer van de strafschop moet dezelfde zijn, de doelverdediger mag van plaats verwisselen, mits voldaan wordt aan de bepalingen in regel 4.

d)      Neen, dat mag niet zowel doelverdediger als strafschopnemer moeten hetzelfde zijn.


Antwoorden:  1……….., 2……………, 3………….,4………….., 5……………
Naam, adres en telefoonnr. van de inzender :
....................................................
Antwoorden binnen drie weken na verschijnen clubblad opsturen naar Eric Oosterom of naar het verenigingssecretariaat per e-mail. Na deze datum is de inzending niet meer geldig. E-mail adres Eric Oosterom: e.oosterom@zonnet.nl. E-mail adres secretariaat: eindhoven@covs.nl.


Ronde 6 (maart 2010) :
Let op: Per vraag is slechts één goed antwoord mogelijk ! 

Vraag 1:
Bij het einde van de reguliere speeltijd in een beslissingswedstrijd is de stand gelijk. Er moet een strafschoppenserie aan te pas komen om de winnaar van het duel te bepalen. Het hectisch verlopen duel kent een aantal geblesseerde spelers en spelers die door de scheidsrechter van het speelveld zijn gezonden door het tonen van de rode kaart. Beide teams beginnen gehavend aan de strafschoppenserie met ieder 8 spelers waarvan uiteraard bij ieder team een doelverdediger. Tijdens het afwerken van de strafschoppenserie blijkt dat van één partij 2 spelers door kramp niet in staat zijn om de strafschop te nemen. Wat beslist de scheidsrechter?

a.    de scheidsrechter zal de wedstrijd staken, de strafschoppenserie niet voltooien omdat één team minder dan 7 spelers op het veld heeft staan.

b.    de scheidsrechter zal beide spelers een gele kaart tonen wegens onsportief gedrag en opdragen de strafschop te nemen, doen zij dat niet, dan volgt een tweede gele kaart gevolgd door een rode kaart en zal de wedstrijd worden gestaakt omdat één team minder dan 7 spelers op het speelveld heeft staan.

c.    de scheidsrechter laat de strafschoppenserie gewoon doorgang vinden met die spelers die wel in staat zijn de serie te voltooien.

d.    de scheidsrechter laat de strafschoppenserie gewoon doorgang vinden met die spelers die wel in staat zijn de serie te voltooien en laat het aantal spelers van het team dat nog met 8 spelers op het veld staat terugbrengen naar 6 spelers. 

Vraag 2:
Partij A mag een doelschop nemen. Alle spelers staan buiten het strafschopgebied als de bal wordt gespeeld. Een medespeler van de doelman die de doelschop heeft genomen stopt de bal op de lijn van het eigen strafschopgebied. Een toegesnelde aanvaller die de bal probeert te spelen wordt door de betreffende verdediger hard in zijn gezicht geslagen buiten het strafschopgebied. De scheidsrechter ziet het gehele voorval. Wat zal hij beslsissen?

a.    de verdediger van het speelveld zenden door middel van het tonen van de rode kaart, het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de lijn van het strafschopgebied.

b.    de verdediger van het speelveld zenden door middel van het tonen van de rode kaart, het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de lijn van het strafschopgebied.

c.    de verdediger van het speelveld zenden door middel van het tonen van de rode kaart, het spel hervatten met een doelschop.

d.    de verdediger van het speelveld zenden door middel van het tonen van de rode kaart, het spel hervatten met een directe vrije schop op de plaats waar de aanvaller stond toen deze werd geraakt, was dat in het strafschopgebied dan een zal een strafschop worden toegekend. 

Vraag 3:
Tijdens een beslissingswedstrijd om het kampioenschap in de 2de klasse voor standaard teams in het District Zuid I moet tijdens de reguliere speeltijd een strafschop worden genomen. Er is nog 15 minuten te spelen. De aanvaller neemt een aanloop en neemt de strafschop. De bal stuit tegen de doelpaal en vervolgens tegen de doelverdediger en rolt nu tergend langzaam richting de doellijn. Vlak voordat de bal de doellijn tussen de palen zal passeren – de bal ligt al op de doellijn en beweegt nog -  schopt een toeschouwer die over de omheining is geklommen tegen de bal. De bal gaat hierbij geheel en al over de doellijn tussen de palen. Wat beslist de scheidsrechter nadat de toeschouwer van het speelveld is verwijderd?

a.    Aftrap na geldig doelpunt, de bal lag immers al op de doellijn voordat deze door de toeschouwer werd geraakt.

b.    Strafschop overnemen

c.    een scheidsrechtersbal op die lijn van het doelgebied evenwijdig aan de achterlijn het dichtst bij de plek waar de bal was toen deze door de toeschouwer werd geraakt.

d.    een scheidsrechtersbal op de plek waar de bal was toen deze door de toeschouwer werd geraakt. 

Vraag 4:
De aanvallende partij zet een aanval op. Vanaf rechts wordt de diepe bal gehanteerd. De spits van de aanvallende partij die niet in buitenspelpositie staat komt aan de bal en gaat op de doelverdediger af. Vlak voordat hij op het doel wil schieten zet een verdediger een sliding in. Hij doet dit echter met beide benen naar voren op een wijze die de veiligheid van de tegenstander in gevaar brengt. De aanvaller wordt geraakt en komt ten val. Een medespeler die zich bij deze aanval naast de aanvaller en achter de bal bevond kan de bal in het lege doel schieten en doet dat dan ook. Hoe zal de scheidsrechter nu dienen te handelen.

a.    verdediger een waarschuwing geven door middel van het tonen van de gele kaart, aftrap na geldig doelpunt

b.    verdediger van het speelveld zenden door middel van het tonen van de rode kaart, spel hervatten met een directe vrije schop of een strafschop.

c.    verdediger van het speelveld zenden door middel van het tonen van de rode kaart, aftrap na geldig doelpunt.

d.   verdediger een waarschuwing geven door middel van het tonen van de gele kaart, spel hervatten met een directe vrije schop of een strafschop. 

Vraag 5:

Welke van de volgende 4 overtredingen hoort niet thuis in het rijtje?

a.    de uitvoering van een spelhervatting vertragen

b.    het door woord of gebaar duidelijk maken het niet eens te zijn met de beslissing van de scheidsrechter

c.    grove, beledigende taal of een scheldwoord gebruiken en of gebaren maken

d.    onsportief gedrag


Antwoorden:  1……….., 2……………, 3………….,4………….., 5……………
Naam, adres en telefoonnr. van de inzender :
....................................................
Antwoorden binnen drie weken na verschijnen clubblad opsturen naar Eric Oosterom of naar het verenigingssecretariaat per e-mail. Na deze datum is de inzending niet meer geldig. E-mail adres Eric Oosterom: e.oosterom@zonnet.nl. E-mail adres secretariaat: eindhoven@covs.nl.

 


Copyright © 2002 - COVS Eindhoven - All rights reserved
26-12-2002